BLOGS - Redactie UT Nieuws

Voorbij de poespas

4

Rense Kuipers

Redacteur bij UT Nieuws.

Geplaatst op:
25 januari 2017 om 09:35

Stel je voor, je bent marketeer. Probeer het volgende riedeltje eens enigszins spannend te verpakken: Fraunhofer Project Center for Design and Production Engineering for Complex High-Tech Systems at the University of Twente.

Valt niet mee, hè?

Maandagmiddag werd het eindresultaat vertoond tijdens de officiële presentatie van bovenstaande mondvol. Nadat achtereenvolgens minister Henk Kamp, onze eigen collegevoorzitter, een Fraunhofer-delegatie, gedeputeerde Eddy van Hijum en Saxion-collegevoorzitter Wim Boomkamp ceremonieel hun hand op een beeldscherm hadden gedrukt, ging de show los.

En wat voor één was ‘t. Rook. Lasers. Oorverdovende Garrixiaans pulserende beats uit de speakers. Geprojecteerde kreten als ‘industry 4.0’, ‘high-tech’, ‘innovation’, ‘opportunities’ vlogen voorbij. Het moest immers de lading dekken. Mission accomplished, zou je zeggen.

Het begon vooral een beetje ongemakkelijk te voelen. Denk aan beelden van fronsende wenkbrauwen, een steeds verder openslaande mond, hoofdschudden uit pure ontsteltenis. En een telefoon die langzaamaan uit een broekzak getoverd werd om deze poppenkast vast te leggen. Uit angst dat anders niemand het zou geloven.  

Laten we vooropstellen dat de komst van een Fraunhofer Project Center naar de UT naar alle waarschijnlijkheid positieve gevolgen zal hebben. We hebben het hier over een vermaard onderzoeksinstituut, een speler van formaat. De Duitse evenknie van TNO. Dat kán haast niet anders dan dat bedrijven – groot of klein – staan te popelen om op deze roze wolk mee te zweven. Laten we ons ook zeker realiseren dat het vanuit marketingperspectief een uitgelezen kans is om kosten noch moeite te besparen voor een goede eerste indruk. Om je te laten zien. Om je te profileren, zoals dat altijd zo mooi gerept wordt hier.

Het was een spektakel, dat moge gezegd – en geschreven – worden. Was er dan geen inhoud? Jawel. Terwijl het O&O-plein steeds meer een wagenpark werd voor dienstauto’s met stationair draaiende motoren (aan de overkant van de Hengelosestraat vond aansluitend een ander netwerkevenement plaats), spraken binnen in de Waaier hoge heren en commissaris van de Koning Ank Bijleveld lang en breed hun wensen en verwachtingen uit over een samenwerking die zo te horen niets minder dan een unaniem belachelijk groot succes gaat worden (om maar niet wars van Niehelismes te zijn).

Prik je door de borstklopperij, overkill, gebakken lucht, zeepbel, gezonde Twentse profilerende bluf, noem-het-wat-je-wil heen, dan hoor en zie je dat er effectief een kantoorruimte is ingericht die een gedeelte van de derde verdieping van de Horsttoren beslaat. Effectief zijn er vijf pilotprojecten, waar in den beginne 8 fte zich over zal buigen. Effectief hoor je dat héél veel te danken is aan het netwerk van UT-hoogleraar Fred van Houten, die pas later in het programma zijn opwachting mocht maken. Het is evident dat dit projectcentrum een groeimodel is, dat samenwerking opgezocht wordt zowel binnen als buiten Twente, dat synergie – zoals het zo mooi heet – zal ontstaan, dat het deuren zal openen en geld in het laatje zal brengen. En daar zijn we allemaal bij gebaat, toch?

Maar laten we misschien even van het moment gebruik maken om een pas op de plaats te maken, om even een spiegel voor te houden en ons de volgende vraag te stellen: ‘Is dit allemaal wel nodig?’ Laten we voorbij de poespas kijken en ons focussen op de inhoud. Want daar is er genoeg van hier – zowel op de campus als in de samenwerking met Fraunhofer. Even naar het fundament. Succes mag gevierd worden, maar dit riekt naar een overtrokken reactie op een calimerocomplex.

Niet dat dit projectcentrum op voorhand geen succes gaat worden. Integendeel, alle ingrediënten zijn aanwezig. Maar wie te hard schreeuwt, krijgt een schorre stem. Wie te hard rent, loopt zichzelf voorbij. Voorbij alle goedbedoelde bewijsdrang, kunnen we er niet omheen dat het nog eerst moet gebeuren. We moeten het nog zien. Daarna willen we het maar wat graag geloven.

comments powered by Disqus